Verkiezingen 2017: Opvang in de regio

867

Verblijfblog bespreekt de komende weken de integratie- en migratieparagrafen van de verkiezingsprogramma’s van de politieke partijen in de Tweede Kamer. Plannen worden per thema vergeleken met oude programma’s sinds 2006. Het vijfde thema is opvang in de regio.

Door Hemme Battjes

Dit verkiezingsblog gaat over de voorstellen van de partijen over opvang van asielzoekers in de regio van herkomst. Eerst wordt de achtergrond van deze voorstellen besproken.

Opvang in de regio
Vluchtelingen worden doorgaans opgevangen in het land van herkomst of in buurlanden. Zo becijfert UNHCR het aantal ontheemden binnen Syrië op 6,5 miljoen personen; Turkije herbergt bijna 3 miljoen vluchtelingen, Libanon ruim een miljoen en Jordanië 650.000. Het aantal Syrische asielaanvragen in heel Europa bedraagt bijna 900.000, waarvan 450.000 in Duitsland en 33.000 in Nederland. Opvang in de regio was en is daarmee de meest gebruikelijke oplossing bij een vluchtelingencrisis. Deze opvang wordt gefaciliteerd door onder meer UNHCR met opvangkampen en bijstand aan autoriteiten in de landen uit die regio.

Opvang in de regio als wenselijke situatie
Sinds de eeuwwisseling is door politici opvang in de regio wel genoemd als niet alleen de feitelijke maar ook meest wenselijke situatie (zie hierover ons eerdere blog “Opvang in de regio: strijd met internationaal recht?”). Door onder meer de voormalige Britse premier Blair is opvang in de regio als wenselijk alternatief voor asiel in Europa aangemerkt. Het idee heeft verschillende uitwerkingen gekregen. Een variant is dat asielzoekers die op eigen initiatief naar Europa komen geen asiel moeten krijgen. Zij zouden moeten worden teruggestuurd naar de regio van herkomst, waar ze dan worden opgevangen. Sommigen zouden dan in aanmerking kunnen komen voor overkomst naar Europa op uitnodiging (‘hervestiging’).

Juridische context
Het internationale vluchtelingenrecht kent het begrip ‘regio’ niet. Er is dan ook geen algemene verplichting voor buurlanden van het land van herkomst van de vluchteling (bijvoorbeeld Turkije en Libanon in het geval van Syriërs) om die vluchtelingen over te nemen uit Europese landen. Een verplichting tot toelating geldt volgens het internationale recht alleen voor eigen onderdanen, dus in het geval van Libanon voor personen met de Libanese nationaliteit. Een verplichting vreemdelingen toe te laten kan wel volgen uit een bijzondere overeenkomst, zoals de overeenkomst die sinds 2016 geldt tussen Griekenland en Turkije (zie ook ons blog “Is de EU-Turkije deal een verdrag?”).

Verder stelt het vluchtelingenrecht een aantal voorwaarden aan uitzetting van asielzoekers naar een land in de regio van herkomst. De toegang tot dat andere land moet gegarandeerd zijn, en de asielzoeker moet toegang hebben tot een asielprocedure. Als in die procedure blijkt dat de asielzoeker gevaar loopt in het land van herkomst (Syrië), moet hij of zij in het buurland (Turkije) als vluchteling worden behandeld. Dat wil zeggen dat hij of zij zich (tijdelijk) moet kunnen vestigen in dat land en er moet kunnen werken.

De verkiezingsprogramma’s
In een groot aantal verkiezingsprogramma’s van 2006 tot en met 2017 komt opvang in de regio aan de orde. Alleen de PVV en D66 besteden er geen aandacht aan. Zij deden dat in eerdere jaren ook niet – net als de PvdA en GL, die er dit jaar voor het eerst over schrijven.

De meeste spreken zich in 2017 uit over steun aan landen die opvang in de regio bieden. Sommige bepleiten weigering van asielaanvragen omdat elders opvang aanwezig is. Enkele partijen laten zich uit over de wenselijkheid om bepaalde internationale overeenkomsten te wijzigen, en over Europese samenwerking in dit kader.

In een aantal verkiezingsprogramma’s wordt in de context van opvang in de regio ook het wegnemen van oorzaken voor vluchtelingenstromen en terugkeerbeleid genoemd. Beide blijven in dit blog onbesproken.

Verbetering opvang in de regio
Alle partijen (behalve PVV en D66, die opvang in de regio in het geheel niet noemen) bepleiten verbetering van opvang in de regio. Behalve 50+ werken alle partijen verder uit hoe de verbetering van de opvang vorm moet krijgen.

De VVD wil “duurzame opvang” door de inzet van “ontwikkelingshulp, handelsovereenkomsten, verdragen en visaverstrekking” (2017). In eerdere verkiezingsprogramma’s sprak de VVD zich ook uit voor opvang in de regio, zonder de vorm verder uit te werken; hetzelfde geldt voor het CDA, dat zich in het programma van 2017 niet uitlaat over de vorm die de hulp moet krijgen.

De PvdA wil zich inzetten voor verbetering van het leven van vluchtelingen. Het gaat dan om perspectief op werk en onderwijs, en bijzondere hulp voor vrouwen, kinderen en kwetsbare minderheden. Ook de SP is voorstander van “verbetering” van opvang in de regio (2017). In 2012 gaf de partij aan daarvoor “ruimhartig hulp” te willen verschaffen, onder andere in de vorm van “capaciteitsopbouw”.

GL beoogt “duurzame bescherming, veiligheid, onderwijs en zorg” in opvangkampen in de regio te bewerkstelligen. Daartoe moet ons land samen met het bedrijfsleven in de lokale economie investeren. GL heeft als enige partij naast vluchtelingen ook de eigen burgers van die landen als ontvangers van hulp op het oog (2017).

De ChristenUnie wil investeren in opvangkampen van UNHCR “en Nederlandse ontwikkelingsorganisaties in landen als Libanon, Syrië en Turkije” (2017). In 2010 en 2012 sprak de partij zich uit voor steun voor “opvangcentra onder beheer van de Verenigde Naties”, te bekostigen uit het budget voor ontwikkelingssamenwerking.

De PvdD wil “ruimhartig” bijdragen door “geld en kennis” ter beschikking te stellen; net als in 2012 streeft de partij naar “menswaardige” opvang in de regio. In 2006 bepleitte de partij al Nederlandse hulp bij het organiseren van opvang.

Terminologie
Geen van de partijen omschrijft “de regio” of “de regio van herkomst” nader. Sommige duiden wel aan, aan welke landen gedacht wordt. Het CDA wil de “humanitaire ellende in landen als Syrië en Libië” aanpakken door “safe havens” in “landen als Libanon” te creëren. De PvdA spreekt van “vluchtlanden” als Turkije, Libanon en Jordanië. De CU wil betere opvang “in landen als Libanon, Syrië en Turkije”. De PvdD noemt geen specifieke landen maar bepleit wel stopzetting van de deal met Turkije. Geen enkele partij noemde in eerdere jaren specifieke landen bij de bespreking van opvang in de regio.

Rol Europa
De mate waarin Europa een rol dient te spelen verschilt per partij en per jaar. Vond de VVD in 2006 en 2012 dat opvang in de regio (“zo nodig”) in Europees verband moest worden opgezet, in 2017 noemt de partij de EU niet in dit verband. Het CDA benadrukte (evenals D66) alleen in 2010 het belang van EU-samenwerking bij asiel. SP deed dat in geen enkel jaar. De PvdA benadrukt het belang van samenwerking in de EU evenals in de NAVO en de VN (2017). In 2012 stelde de partij onomwonden dat “de toekomst van het asielbeleid in Europa ligt”. De ChristenUnie benadrukte in 2006, 2010 en 2012 het belang van samenwerking in EU-verband, maar noemt dat niet meer in 2017. De PvdD spreekt van de verantwoordelijkheid van Europa (zie boven); in voorgaande jaren wilde de partij opvang in de regio “in Europees verband” organiseren (2012 en 2006).

Voorkomen gevaarlijke reis
De meeste partijen noemen (in uiteenlopende bewoordingen) humanitaire overwegingen als reden voor verbetering van opvang in de regio (bijvoorbeeld CDA, PvdA en PvdD). De VVD stelt verder dat zulke opvang helpt “levensgevaarlijke routes van mensensmokkelaars en problemen in onze eigen samenleving” te voorkomen, en vindt het een efficiëntere besteding van middelen dan opvang in Europa. Ook de PvdA wijst erop dat bij goede opvang “vluchtelingen minder snel de gevaarlijke reis naar Europa maken”.

Beperken toegang
VVD en CDA stellen uitdrukkelijk dat opvang in de regio een alternatief voor opvang in Nederland of Europa dient te vormen. De VVD wil met asielaanvragen in Europa van mensen van buiten Europa stoppen (2017). In ‘extreme situaties” komen vluchtelingen wel in aanmerking voor vestiging in Europa. In 2012 stelde de partij dat asielverzoeken “in eerste instantie” in de regio moesten worden ingediend, maar aanvragen aan de Europese buitengrenzen zoals Schiphol werden niet uitgesloten. Het CDA wil wel asiel bieden aan “vluchtelingen die daadwerkelijk in nood verkeren” (2017). In 2012 en 2010 gaf de partij aan ernaar te streven dat alle asielverzoeken in de regio worden afgedaan. Het CDA stelt dat het Vluchtelingenverdrag met het oog op bovenstaande voornemens gewijzigd moet worden (2017). De VVD laat zich daar niet over uit.

Opvang in de regio en in Nederland
De andere partijen die zich uitlaten over opvang in de regio, stellen deze niet in de plaats van opvang in Nederland of Europa. De ChristenUnie merkt op dat de stroom van vluchtelingen “beheersbaar” gemaakt moet worden. In de eerdere verkiezingsprogramma’s (2012, 2010 en 2006) steunde de partij, anders dan in 2017, expliciet opvang van asielzoekers in Nederland.

De SP wil goede opvang “in de regio, in Europa en in ons land”. Daarbij erkent de partij dat “wij niet iedereen kunnen opvangen”, reden om landen te helpen om de opvang in de regio te verbeteren (2017). In 2012 en 2010 stelde de partij dat vluchtelingen “waar mogelijk” in de regio moeten worden opgevangen, maar dat wie in Nederland asiel aanvraagt recht heeft op “humane opvang”. De PvdA zegt “pal voor het VN-Vluchtelingenverdrag” te staan. De PvdD vindt dat Nederland en Europa verantwoordelijk zijn voor “menswaardige opvang en hulp”; opvang in de regio moet alleen plaatsvinden als dat “menswaardig” kan. Als enige partij laat de PvdD zich expliciet uit over de deal met Turkije: deze moet worden opgezegd, want “mensen worden nooit teruggestuurd zonder zorgvuldige procedure”. In 2012 en 2006 benadrukte de partij het belang van opvang in de regio, zonder zich uit te laten over eventuele implicaties voor opvang in Nederland. GL wil dat Nederland zich “ruimhartig” inzet “voor veilige routes en hervestiging van kwetsbare vluchtelingen in Europa via de UNHCR” (2017).

Conclusie
Sinds 2006 hebben steeds meer partijen passages over opvang in de regio in hun programma’s opgenomen. Deze willen alle betere opvang, met uiteenlopende middelen. VVD en CDA verbinden aan betere opvang elders de gevolgtrekking dat de mogelijkheid asiel aan te vragen in Europa of Nederland beperkt (CDA) of afgeschaft (VVD) kan worden. De andere partijen bepleiten daarin geen verandering (PvdA, SP, CU), of een verruiming (GL en PvdD – de laatste vanwege de opzegging van de deal met Turkije).

 

Voor deze analyse zijn de partijprogramma’s bestudeerd van CDA, D66, GroenLinks, PvdA, PVV, VVD, SP, CU, PvdD en 50plus voor de verkiezingen van 2006, 2010, 2012 en 2017.